TRACE THE POETICAL

6 t/m 29 oktober 2001

Kunstenaars: Marlies Appel (1945) 
Curt Asker (1930 SWE) 
Mario de Brabandere (1963 B) 
Arie de Groot (1937) 
Tjibbe Hooghiemstra (1957) 
Reinier Lucassen (1939) 
Eric de Nie (1944) 
Ronald Noorman (1951) 
Jan Roeland (1935) 
Hanns Schimansky (1949 D)

Tentoonstelling rond tekeningen, samengesteld door Eric de Nie op uitnodiging van De Vishal te Haarlem. De expositie in De Vishal loopt parallel aan presentaties op de volgende Haarlemse locaties:
Tentoonstellingsruimte Ripperdapark 12,
Galerie Tanya Rumpff,
Galerie Rob de Vries
Teylers Museum

  

De tekeningen van deze kunstenaars roepen bij mij gevoelens van het ongewisse op. Alsof de dingen nog aan het ontstaan zijn. In de lijnvoering en de vlakvulling heerst een behoedzame nauwkeurigheid. Subtiele aarzeling en krachtige uitspraak verenigen zich. Met grote gevoeligheid wordt het papier afgetast. Beeldende mogelijkheden worden vormgegeven en voorlopige gedachten in beeld gebracht. Toch zijn het geen voorstudies maar po•tische hoogstandjes. Het zijn lijnen, krabbels, vegen, vlekken en vormen die elkaar opzoeken, beelden die opdoemen en gedachten die genoteerd willen worden. Dit alles wil tot een nieuw bestaan komen maar is toch niet meer dan wat het is: een tekening. De kunstenaar lijkt hierin iets voor zichzelf uit te zoeken en houdt tegelijk iets voor de beschouwer verborgen. In dit opzicht is de tekening naast een feitelijke weergave van wat er gebeurt onder de hand van de kunstenaar ook te begrijpen als het subjectieve resultaat van een speurtocht. Terugkerende motieven, tekens of voorstellingsbeelden uit het idioom van de kunstenaar vormen de verbindende schakels in dit proces. Ongrijpbaarheid is steeds weer de oorzaak van mijn ontroering. Het lijken wel dwaalsporen die de tekenaar achterlaat. Er schuilt een groot po•tisch geheim in de wijze waarop het overbodige is weggelaten en de mate waarin het noodzakelijke beeld wordt gedefinieerd en zich aan de kijker prijsgeeft. Sporen van poe¨zie? Niet alleen de voorstelling, het handschrift of de wijze van abstraheren is boeiend, maar vooral het raadselachtige moment waarop de kunstenaar de vinger heeft gelegd.

Eric de Nie