Kleine Zaal: Margreet Bouman

10 januari – 7 februari 2011

“Here I am”

Deel 1: A Body – A Universe

margreet_bouman

De Haarlemse kunstenaar Margreet Bouman is de eerste exposant van de nieuwe twaalfdelige tentoonstellingsserie ‘Here I am’ in de Kleine Zaal (etalage) van De Vishal. Voor deze exposities, die elke maand wisselen, zijn kunstenaars geselecteerd op basis van het intieme, persoonlijke en vaak ook autobiografische karakter van hun werk. De deelnemende kunstenaars maken in hun werk veelvuldig gebruik van elementen uit hun dagelijks leven, hun persoonlijke ervaringen, gedachten, fantasieën en emoties. De kleine solotentoonstellingen geven toeschouwers een fascinerende blik in de belevingswereld van de exposerende kunstenaar.

 

Margreet Bouman (1953) bijt in 2011 de spits af met ‘a Body- a Universe’, een installatie van zelfportretten uit de periode 1990-2010. Zij begint zichzelf in de jaren tachtig voor het eerst af te beelden in haar werk. Soms alleen als portret, soms als totale gestalte, omringt door attributen uit haar belevingswereld. Dat kunnen onderdelen zijn uit vroegere schilderijen, paletten, maskers of persoonlijke gebruiksvoorwerpen. In deze eerste periode maakt zij grote acrylschilderijen en zwart-wit tekeningen. Inhoudelijk verwijst het werk naar het gedachtegoed van Sigmund Freud: de slaap, de droom, het labyrint, het onderbewuste, de binnenwereld. Dit thema blijft altijd een significante rol spelen in haar werk.
Allengs verschijnen er in de loop van de jaren tachtig abstractere toevoegingen in haar werk: symbolen van de kosmos met typische structuren, systemen of andere dimensies. Haar portret wordt in deze periode ook vaak doorzichtig, er schijnen abstracte, symbolische elementen in door.
Begin jaren 90 voldoen deze schilderijen voor haar niet meer. Bouman wil de verdubbeling in haar werk verder uitwerken en stapt over op tekeningen van klein formaat op doorschijnend papier, die letterlijk opgebouwd zijn uit lagen, zoals ook de menselijke geest gelaagd is. Bouman maakt gebruik van labyrintische ondergronden en maskers uit andere culturen, omdat daarin de geest samengebald is tot symbool. Er ontstaat ook een serie werken met polaroidfoto’s waar gaten in geneden zijn die een onderliggend portret onthullen.
In 2002 vindt er een omslag plaats. De kunstenaar krijgt een fietsongeluk waarbij haar gezicht geheel verwond en beschadigd raakt. Naar aanleiding van deze gebeurtenis maakt Bouman een serie (aquarel)werken waarbij alle toevoegingen verdwenen zijn en alleen haar portret de inhoud van het werk bepaald. Het gaat haar in deze serie niet om de gebeurtenis als zodanig, zij gebruikt de verwondingen slechts om tot een schilderachtig resultaat te komen die genoeg zeggingskracht heeft van zichzelf.
Vanaf dan komt de nadruk meer op het portret te liggen zonder dat er een hele duidelijke gelijkenis nastreeft wordt. De attributen zijn verdwenen, de voorstelling alleen moet het beeld bepalen. Wel voegt zij af en toe stukken tekst toe, als gedachteflarden of als ondertiteling.
Afgelopen jaar ontstond de serie ‘Nothing to fear’. Omdat het haar niet gaat om het (zelf)portret als weerslag van haar uiterlijk schilderde zij twaalf grote werken en een groot aantal op kleiner formaat met allemaal het zelfde beeld als grondslag. De twaalf grote aquarellen vormen één geheel. In de kleinere formaten keren allerlei elementen van vroeger werk terug, zoals transparantie en beeldverdubbeling. Zelf verwoordt Bouman haar oeuvre tot nu toe als volgt: “Mijn werk vormt van af de jaren 80 één geheel. Waarom niet een gedachte telkens opnieuw op steeds andere wijze te formuleren? Ik volg mijn eigen weg zonder me te laten afleiden door de waan van de dag.”